Molen aan de Leusderweg.

Historie

 

De Sleener molen ‘De Hoop’ kent drie perioden: Tot 1915 stond de molen in Amersfoort, op de hoek van de huidige Daltonstraat en de Leusderweg. In 1915 is de molen daar afgebroken en verplaatst naar Sleen. Voor Amersfoort heeft de molen waarschijnlijk in Noord-Holland gestaan. De gietijzeren as is afkomstig uit Aartwoud en andere delen van de molen doen vermoeden dat de molen dienst heeft gedaan als industriemolen in Noord-Holland.

In de 19e eeuw is de molen verplaatst van Noord-Holland naar Amersfoort en was de naam van de molen ‘De Gunst’. De molen is op deze locatie gebouwd omstreeks 1850. Op de foto’s hieronder ziet u de molen in Amersfoort.

 

Deze week weer een foto van het Soesterkwartier, waar we ons in 1929 bevinden aan het Anjerplein. Grote delen van de Bloemenbuurt zijn tussen 1920 en 1940 gebouwd door woningbouwvereniging Goed Wonen, en zo ook het Anjerplein. Deze vereniging ontstond in 1919 vanuit de socialistische vakbond voor spoorwegarbeiders die het zat waren dat de verschillende spoorwegbedrijven in Amersfoort zelf niet voorzagen in woningen voor zijn arbeiders. 

De bijna 700 huizen die zij met Rijkssubsidies bouwden, hoefden echter niet betrokken te worden door spoorwegpersoneel: in de statuten werd opgenomen dat ook arbeiders van andere beroepsgroepen zich mochten aanmelden bij de vereniging. 

Soesterweg in vroegere jaren.

Amersfoort had een tweede veevoederfabriek, de Cova. De Cova werd opgericht in 1935 en maakte aanvankelijk gebruik van de opslagcapaciteiten van Van Nieuwenhuizen. De Cova kreeg een fabriek aan de nabijgelegen Kwekersweg. Die is vernieuwd in 1938, uitgebreid in 1941 en een derde silogebouw volgde in 1959. In het jaar 2000 werd de fabriek van veevoeders Cova gesloopt. In de jaren 2000 en 2001 werden alle gebouwen gesloopt.

Het Amersfoort van voor 1850 werd vroeger aangeduid als ‘de schone slaapster’ een ingedut provinciestadje waar voor handel en industrie weinig te beleven was. Op 17 augustus 1863 kwam daar verandering in: het eerste station van de stad werd geopend aan het Smallepad. Vier dagen later reed de eerste stoomtrein door Amersfoort met een snelheid van 20 kilometer per uur. De eerste lijn die langs Amersfoort reed was de west-noord verbinding Utrecht-Amersfoort-Hattum-Zwolle, aangelegd door de Nederlandsche Centraal Spoorweg-Maatschappij (NCS). In1874 werd het station vergroot toen de Hollandsche Ijzeren Spoorweg-Maatschappij (HIJSM) de west-oost lijn (Amsterdam, Amersfoort, Zutphen) in gebruik nam. Met de komst van de trein groeide Amersfoort sterk waarbij er nieuwe woonwijken kwamen voor forenzen en ontstond er industrie die veel banen verschafte. Het station bleef tot 1902 in gebruik waarna het nieuwe station geopend werd op de huidige plek.

 

Luchtfoto van de industrie aan de Eem circa 1960, met Nieuwenhuizen op de Kleine Koppel, Cova op de Grote Koppel en het gasbedrijf

In 1898 begon de bouw van één centraal station; Amersfoort kende er destijds drie op loopafstand van elkaar. In 1901 was het bouwwerk – ontworpen door architect D.A.N. Mardagant – af. Voor die tijd was het natuurlijk groot genoeg, maar de enorme groei die Amersfoort doormaakte was te heftig voor het station, dat toenmalig bouwmeester Douma van de NS omschreef als ‘een dorpsstationnetje’. En daar heeft hij natuurlijk wel een beetje gelijk in, al blijft het jammer dat zulke kenmerkende gebouwen onder de slopershamer verdwijnen.

Oude Busstation.

Molen de Hoop aan de Leusderweg.

het Soesterkwartier vonden we vroeger tussen de Puntenburgerlaan en de Pieter Pijperstraat de Parallelweg. De huizen aan de Parallelweg zijn in de loop der jaren gesloopt en de straat bestaat niet meer.

Mooie oude auto,s bij het Dierenpark.

Op 22 mei 1948 richtten de heren Tertoolen en Knoester de dierentuin op die in het begin niet veel meer was dan een bos met wat zandweggetjes en enkele dierenverblijven. Aanvankelijk was het een klein park met een aap,een kraagbeer ,een kameel en wat kinderboerderijdieren. In de jaren daarna kwamen de eerste roofdieren en in 1956 de olifanten Indra en Rani. In 1960 ging de leiding van het dierenpark over in de handen van de dochter van een van de oprichters en haar echtgenoot, het echtpaar Henk Vis († 27 oktober 2016) en Astrid Tertoolen. Toen arriveerden ook de eerste chimpansees .In 1979 werden twee spierwitte leeuwtjes geboren, maar bij het opgroeien bleken ze toch een normaal gekleurde vacht te krijgen. In 1982 werden zeven jachtluipaarden geboren. In 1988 onderging het park een aanzienlijke uitbreiding: de Ark van Amersfoort werd geopend en het savannegebied werd aangelegd. In 1995 kreeg het dierenpark een andere directie: nog steeds is het een familiebedrijf. In 1997 werd Erik van Vliet aangetrokken als dierentuinontwerper. In een tijd dat Nederlandse dierentuinen zich steeds meer focusten op biotopen en een volwassenenpubliek, ging DierenPark Amersfoort zich meer richten op kinderen en gezinnen. In die tijd is het bezoekersaantal gestegen van 200.000 naar een miljoen bezoekers per jaar.

In november 2020 ontsnapten er, door het niet goed sluiten van het verblijf, twee chimpansees. De chimpansees werden doodgeschoten om verdere escalatie te voorkomen. De bezoekers werden snel in veiligheid gebracht.

 

Van Roon ijscozaak aan de Arnhemseweg bij prinses Julianaplein.

De Markthal in Amersfoort.